Re-integratieverordening Participatiewet Hollands Kroon 2017

TV-1782  Geacht college,
Hierbij enkele technische vragen over de re-integratieverordening Participatiewet Hollands Kroon 2017

Vraag 1
”De gemeente moet in 2017 zes plaatsingen realiseren en in 2018 elf.”
Betekent dit dat er in 2018 in totaal minimaal elf plaatsen beschut werk moeten zijn of dat er in 2018 minimaal elf plaatsen bijkomen, naast de zes plaatsen van 2017?
Antwoord 
In 2018 moeten er in totaal  minimaal 11 plaatsingen zijn gerealiseerd

 

Vraag 2
Hoeveel mensen staan er momenteel op de wachtlijst?
Hoeveel mensen komen daar naar verwachting dit jaar en volgend jaar bij?
Antwoord
Er is nu geen wachtlijst. Op dit moment zijn 2 inwoners in beeld, die mogelijk op de wachtlijst komen te staan. Het is nu nog onzeker of een beschutte werkplek de beste optie is.

Vraag 3
“Het risico, dat deze inwoners tot moment van plaatsing geen zinvolle dagbesteding hebben, is reëel. Ze hebben veel begeleiding nodig en daardoor is een alternatief niet eenvoudig te realiseren. Het risico is een gevolg van het feit dat de budgettaire ruimte beperkt is.”

  • Wat is de maximale tijd dat iemand op verantwoorde wijze op de wachtlijst voor beschut werk kan staan?
    Antwoord: Een verantwoorde maximale termijn voor de wachtlijst is niet te noemen. Uit uw vraag proef ik de zorg die u heeft voor de inwoners die op de wachtlijst (komen te) staan. Die zorg deel ik met u. Het is op dit moment helaas niet verantwoord om in de verordening een doelstelling op te nemen van meer dan het verplichte aantal. Het is wel nodig om nu in de verordening op te nemen of een wachtlijst gehanteerd wordt of niet. Zonder die grondslag in de verordening heeft het college geen afwijzingsgrond voor de aanvraag van een beschutte werkplek. Inmiddels is een werkgroep gevormd, bestaande uit een afvaardiging van de drie gemeenten (Hollands Kroon, Schagen en Den Helder) en de GrGa gesubsidieerde arbeid. Die werkgroep gaat zich buigen over de vraag hoe het wachtlijstbeheer wordt ingericht en welke alternatieven mogelijk en betaalbaar zijn. Intussen wordt gewerkt aan het opstellen van de begroting van de GrGa (Gemeenschappelijke Regeling Gesubsidieerde Arbeid -redactie) en het doorrekenen van de financiële consequenties van het verplicht aantal beschutte werkplekken.
  • Wat gebeurt er met mensen die dringend geplaatst moeten worden, maar (te) lang op de wachtlijst staan?
    Antwoord: Voor inwoners die te lang op de wachtlijst staan, wordt naar een alternatief gezocht. Dit is in alle gevallen maatwerk. Een algemeen antwoord is niet mogelijk.
  • Wat gebeurt er als het aantal verplichte plaatsen structureel lager is dan het aantal mensen met een indicatie?
    Antwoord: Op het moment dat een gemeente niet voldoet aan het aantal verplichte plaatsingen, terwijl er wel inwoners met een indicatie zijn, kan de minister gebruik maken van zijn bevoegdheid om een  aanwijzing aan het college te geven op grond van de Participatiewet. In de memorie van toelichting op het wetsvoorstel staat het volgende:  Een aanwijzing zal met name aan de orde kunnen zijn wanneer de gemeenteraad haar controlerende taak verzaakt. Het geven van een aanwijzing gaat altijd gepaard met de opschorting van de uitkering op grond van de Participatiewet.  Indien de aanwijzing niet wordt opgevolgd, wordt de uitkering in het daaropvolgende kalenderjaar gekort. Ook zou toepassing van het instrument indeplaatsstelling op grond van de Gemeentewet aan de orde kunnen zijn. Bij toepassing van deze bevoegdheid wordt zeer grote terughoudendheid betracht om de verantwoordelijkheid voor de uitvoering te laten waar zij hoort. Gelet op het belang voor deze doelgroep en voor de werking van het stelsel, kan niet worden uitgesloten dat interbestuurlijk toezicht zal worden aangewend om de uitvoering in lijn te brengen met de wet, mocht daar na verloop van tijd aanleiding toe zijn.
     

Vraag 4
“In het meest gunstige scenario ontstaat er geen tekort, maar de kans dat er in de toekomst  een tekort gaat ontstaan, is reëel. In verband daarmee is het budgettair niet verantwoord om in de verordening op te nemen dat we meer dan het verplichte aantal plaatsingen, gaan realiseren.”
“Tijdens de wachttijd biedt het college een vorm van sociale activering, vrijwilligerswerk of een andere passende voorziening aan gericht op arbeidsinschakeling.”
Wat kost een plaatsing beschut werk? Hoe reëel is het risico dat mensen met een indicatie voor beschut werk maar zonder een zinvolle dagbesteding de samenleving meer zullen kosten dan beschut werk voor hen kost?
Antwoord
De kosten per werkplek verschillen en zijn afhankelijk van een aantal factoren. Dat zijn onder andere:

  • de leeftijd van de werknemer;
  • de loonwaarde;
  • de situatie voorafgaand aan het dienstverband. 
  • gaat het om een Wajong-gerechtigde?

De kosten die variëren zijn:

  • de loonkosten zijn afhankelijk van de leeftijd;
  • de hoogte van de loonkostensubsidie die ten laste van het Inkomensdeel van de P-wet komt, is afhankelijk van de loonwaarde. Tegenover deze lasten staat een besparing, omdat de uitkering beëindigd kan worden;
  • geen besparing op het I-deel, omdat de werknemer geen uitkering op grond van de P-wet had;
  • geen loonkostensubsidie, omdat het om een Wajonger gaat. De loondispensatie komt voor rekening van het UWV.

Het is in verband met deze variabelen niet eenvoudig om te zeggen: het kost zoveel. Om een globale indicatie van de kosten te geven: de kosten voor begeleiding zijn gemiddeld € 8.500 per werknemer per jaar. De loonkostenkostensubsidie bedraagt bij een loonwaarde van 30%, afgerond  € 13.000 per jaar, terwijl de loonkosten inclusief werkgeverslasten afgerond € 24.000 bedragen voor een werknemer van 23 jaar. 
U vraagt om een maatschappelijke kostenvergelijking tussen wel en niet aanbieden van een beschutte werkplek. Voor die vergelijking is het mijns inziens te vroeg en is de situatie te complex. Het financiële risico dat wij lopen gaat over de uitvoering van de sociale werkvoorziening (WSW en beschut werk) en de re-integratie voor de komende jaren.  Aan de hand van de begroting van de GrGa gesubsidieerde krijgt u meer inzicht in de risico’s en mogelijkheden. Ik vraag u dat moment af te wachten. 

Met vriendelijke groet,             Met vriendelijke groet,
Jan Eichhorn                           M.M.J. van Gent
GroenLinks                              Wethouder Sociaal Domein